Hemelvaartsdag… vragen en mijmeringen

Ik heb vaak een beetje buikpijn bij Hemelvaartsdag, jij ook?

Wat moet dat voor die discipelen geweest zijn he? Na 3 jaar met de Here Jezus rond gereisd te hebben, waren ze Hem op een gruwelijke manier kwijtgeraakt door Zijn kruisdood. Hem volgen bleek een carrière switch van niets te zijn. Maar toen kwam de dag die hun leven op z’n kop zette: Hij stond weer op uit de dood?! Daar moesten ze wel even aan wennen, maar toen het doordrong waren ze zóóó blij!
Het reizen met Hem ging wel anders. Zo was Hij er, en zo was Hij er niet. Misschien had hen dat al wat voorbereid op die laatste wandeling? Toen Hij hen zegende en Hij naar Zijn Vader vertrok en hen verdwaasd achterliet.

Weinig Bijbelverhalen hebben mij als kind zó geraakt als deze. Degene van Wie je houdt, die je vertrouwt, bij Wie je hoort, bij Wie je je veilig weet, verdwijnt buiten jouw bereik, uit het zicht. En je kunt er niets aan doen. Je staat erbij en kijkt ernaar. Hemelvaartsdag een Feestdag? Meer een soort nationale rouwdag toch?
Als kind keek ik sip met de discipelen mee omhoog, en soms nu nog. Als kind vroeg ik me af waarom de Heer niet gewoon op aarde bleef – hier een soort dependance van de hemel maakte. Veel handiger toch? Zat Hij er dichter bovenop, kon Hij sneller ingrijpen en, als Hij het zo lang met ons volhield, zou ik ál die eeuwen later, ook een ommetje met Hem kunnen maken! En als Hij heimwee kreeg, dan kwam er gewoon een “verheerlijking op de berg 2.0”!
Oh, ik zag het al helemaal voor me (inclusief het meekijken tijdens zo’n ontmoeting met Zijn Thuisfront)! En als de tijd om was dan zouden we met z’n allen tegelijk naar God de Vader gaan. In mijn kinderlijk brein schreef ik zonder enige terughoudendheid in mijn gedachten zó een heel ander plot van de Bijbel, daar draaide ik mijn hand niet voor om.

Nu, als volwassene, geeft Hemelvaartsdag me nog steeds veel mijmeringen. Kijk ik ook weer omhoog en denk ik “Heer, wanneer komt U ons halen? Hoe lang houdt Ú het nog vol? Uw Lichaam (de Kerk/Gemeente) is meer dan gehandicapt en disfunctioneren lijkt meer de norm dan de uitzondering… Hoe ervaart U dat nu?” Hebben we een soort van dwarslaesie opgelopen door de eeuwen heen? U, als Hoofd bij de Vader en wij als Lichaam van U hier beneden – met ergens daartussen een breuklijn die ruis, disfunctioneren, ongeloof en uitval veroorzaakt?

Maar dan zet ik mijn kijk aan de kant, erkennend dat mijn perspectief net zo beperkt is als ikzelf ben. En ik sla m’n Bijbel open en langzaam zie ik (een deel) van het wérkelijke plaatje: de Here Jezus hééft een dependance hier op aarde – alleen anders dan ik het bedacht zou hebben. (Hebben we wel vaker, dat Hij het zó anders doet dan ik zou doen). En Hij zít er kort bovenop, korter op dan wanneer Hij op aarde gebleven was – door Zijn Geest die ín de christenen woont. Dicht bij Zijn Vader vraagt Hij voortdurend Zijn aandacht voor ons. De Bijbel zegt dat “Hij leeft om voor ons te pleiten”. Hij zíet dat we het verprutsen, en Hij wijst Zijn Vader op Zijn bloed: “ook daar ben Ik voor gestorven”. En tegen de tijd dat wij er achter zijn en bereidwillig zijn om vergeving te vragen (vaak ook nog een dingetje), is de weg al bereid door onze Voorbidder. We kunnen zó de Troonzaal binnenhobbelen en met de Vader praten – beseffen we nog wat een voorrecht dát wel niet is?!

De Here Jezus ging naar Huis. Maar ons losgelaten heeft Hij zeker niet. Uit ons oog is absoluut niet uit Zijn hart.

“Hemelvaartsdag.
Dáag Here Jezus!
We missen U!
Maakt U een mooie kamer voor ons klaar in het Vaderhuis?
DankUwel dat U meer dan een goed woordje voor ons doet bij de Vader!
Bescherm ons tegen onszelf en de wereld tegen ons!
Laat zien dat U God bent door ons tot zegen te laten zijn voor elkaar en de wereld!
En zien we U snel?
We willen U gráág weer terugzien!”

Plaats een reactie