Zo daar ben ik weer… al schrijf ik minder snel in deze serie dan ik had gedacht, ik ben persoonlijk wel er veel mee bezig. En al wil ik jullie gaande het proces meenemen omdat achteraf praten zo ‘makkelijk’ praat en zo ‘fijn’ meeleeft, soms moet je eerst iets intern zien te duiden. Duurt het even voordat gevoel geduid kan worden. Duurt het ook even voordat flarden samenvoegen tot gedachten en gedachten samenvoegen tot een lijn en lijnen samenvloeien tot nieuw inzicht. Vandaar dat het even duurde.
Kerkverlating. Het woord zegt het al… de kerk is degene die wordt verlaten. Daar kunnen tal van redenen voor zijn – vaak divers, nog vaker één in het feit dat er veel pijn in zo’n besluit ligt. Geeft ook weer de vraag wie dan de werkelijke pineut is eigenlijk.
In de afgelopen weken liep ik meerdere keren vast in het schrijven van een blogbericht hierover. Toen ik wilde schrijven over mooie herinneringen – want die heb ik heus en ze zijn me dierbaar! En ook toen ik wilde schrijven over pijnlijke zaken – die zijn er namelijk ook. Ik snapte zelf niet goed waar de stagnatie, de prop in de lijn, de error in mijn hoofd en de knoop in mijn maag zat of vandaan kwam.

Plottwist?! Ik realiseerde me iets dat me de adem afsnijd: ik héb de kerk helemaal niet verlaten. Ik ben verlaten door de gemeenschap… Het wás niet mijn initiatief, míjn keuze, maar een gevolg van gemaakte keuzes. Misschien denk je: “Wat maakt zo’n woordspelletje nou eigenlijk uit: het resultaat is hetzelfde – je staat buiten.” Maar dan vat je denk ik niet waar ik hier op doel. Ik líg eruit. Onderuit. Plat op m’n plaat. Ik ben niet met slaande trom, noch met stille trom vertrokken; ook liep ik niet met zelfverzekerde tred naar de uitgang. Ik werd geduwd.
Ik ben mijzelf weer wat aan het herpakken en ben vastbesloten om deze serie te vervolgen. Want ik begin weer overeind te krabbelen, schraap mijn keel en poog woorden te vinden waar ik eerst met stomheid geslagen en monddood was gemaakt.